Het zonnepanelen dilemma: dit jaar nog installeren of wachten op de subsidie van 2021?

De Vlaamse Regering kondigde onlangs een premie aan voor wie na 1 januari 2021 zonnepanelen installeert. Waarom zou je dit jaar dan nog voor zonnepanelen kiezen, vraag je je wellicht af? Omdat je dan wellicht nog 15 jaar kan genieten van het systeem van de terugdraaiende teller. Maar wat is nu écht de meest voordelige keuze voor jouw situatie? We zochten het voor je uit.

2020 vs. 2021: de verschillende tarieven voor zonnepanelen

Wie in 2020 investeert in zonnepanelen, kan nog 15 jaar kiezen voor het voordeel van een terugdraaiende teller, zoals aangekondigd in dit decreet. Wie wacht tot 2021, kan mogelijk beroep doen op een investeringssubsidie van de Vlaamse Overheid. Maar hoe verschillen de situaties concreet?

Optie 1: waarom in 2020 nog zonnepanelen installeren?

Fluvius vervangt volop alle analoge elektriciteitsmeters door een digitale variant. Die oude meters draaien letterlijk terug wanneer je met zonnepanelen je eigen energie opwekt. Die stroom wordt dan op jaarbasis afgetrokken van je eindafrekening.

Een digitale meter heeft 2 tellers: één voor je verbruikte stroom en één voor je geïnjecteerde stroom. Dat hij niet letterlijk ‘terugdraait’, is geen probleem: door de twee tellers te combineren, telt hij vanzelf ook terug.

  • Dankzij het voordeelsysteem van een terugdraaiende teller “parkeer” je overtollige stroom van je zonnepanelen tijdelijk op het net, en gebruik je die wanneer je het nodig hebt. Je betaalt dan alleen voor de energie die je verbruikt bovenop je opgewekte stroom.
  • Als prosument (iemand die zowel energie verbruikt als zelf opwekt) betaal je ook voor het gebruik van het elektriciteitsnet. Tot 2021 betaal je een prosumententarief, een vast jaarlijks bedrag op basis van het vermogen van je omvormer.
  • Wie vóór 2021 zonnepanelen installeert, aanmeldt en tijdig laat keuren, kan de volgende 15 jaar nog van dit systeem genieten. Dit werd in juni 2019 beslist door de Vlaamse Overheid. Vanaf 2035 moet iedereen een digitale meter hebben en meedraaien in het nieuwe systeem.

Opgelet! Momenteel is het uitgangspunt dat wie zonnepanelen in gebruik neemt vóór 31 december 2020, kan kiezen om 15 jaar te blijven genieten van het principe van de terugdraaiende teller. Deze regeling is gebaseerd op het op 5 juni 2019 gepubliceerde decreet van de Vlaamse Overheid.
Onder andere energieregulator VREG heeft deze regeling echter aangevochten bij het Grondwettelijk Hof, waardoor een gerechtelijke uitspraak ertoe kan leiden dat de terugdraaiende teller wordt vernietigd. Daarom is het op dit moment nog niet zeker of je effectief, en gedurende 15 jaar, van de terugdraaiende teller zal kunnen blijven genieten. We houden je in ieder geval op de hoogte van de laatste stand van zaken.

Optie 2: waarom wachten met zonnepanelen tot 2021?

Omdat het verdwijnen van de terugdraaiende teller een verlies betekent voor een gemiddeld gezin, wil de Vlaamse regering dit vanaf 2021 compenseren met een investeringspremie voor zonnepanelen. Om de eenmalige premie door Fluvius betaald te krijgen, moet je aan volgende voorwaarden voldoen:

  • Je plaatst een kleinere installatie, tot 10 kVa.
  • Het gaat niet om een uitbreiding van een bestaande zonnepaneleninstallatie.
  • De installatie van je zonnepanelen maakt geen deel uit van je nieuwbouw- of renovatieproject, om aan de verplichte EPB-eisen te voldoen.
  • Een aannemer plaatst je zonnepanelen.
  • Je bouwaanvraag dateert van voor 2014.

De premie bedraagt maximum € 1.500 en hangt af van het totaal geïnstalleerde kWp van je zonnepaneleninstallatie. Je ontvangt € 300 per kilowattpiek voor een installatie met een vermogen tussen 0 en 4 kWp, met € 150 extra per kWp voor installaties met een vermogen tot 6 kWp.

Als je weet dat een zonnepaneleninstallatie van 4 kWp vandaag gemiddeld € 5.000 tot € 5.500 kost, betekent de premie dat het netto aankoopbedrag van je zonnepanelen in 2021 zal dalen. Test Aankoop waarschuwt wel voor mogelijke prijsstijgingen als gevolg van de premie. Bovendien daalt het premiebedrag jaarlijks tussen 2021 en 2024. Vanaf 2025 wordt de premie dan afgeschaft.

Verder wordt ook het prosumententarief afgeschaft in 2021. Wie vanaf 2021 zonnepanelen installeert, betaalt een bijdrage die wordt berekend op basis van je effectieve gebruik van het net (= het nieuwe nettarief). Met andere woorden: gebruik je de energie van je zonnepanelen meteen, dan maak je geen gebruik van het net en hoef je niet te betalen. Gebruik je het net op een moment dat je zonnepanelen weinig of geen elektriciteit opwekken, dan betaal je een bijdrage.

Het belang van zelfconsumptie voor je terugverdientijd

Of het ene dan wel het andere systeem het meest voordelige is voor jou, hangt in grote mate af van je zelfconsumptie of direct verbruik: dat is de hoeveelheid elektriciteit die je onmiddellijk zelf verbruikt op het moment dat je zonnepanelen elektriciteit opwekken.

  • De gemiddelde terugverdientijd van een zonnepaneleninstallatie met het gebruik van terugdraaiende tellers, bedraagt 7 tot 8 jaar. Dat is wanneer je zelfconsumptie tussen 20 en 30% ligt – het gemiddelde van de huidige prosumenten volgens cijfers van de VREG.
  • Wil je met het nieuwe systeem, vanaf 2021, een even snelle terugverdientijd? Dan moet je streven naar een zelfconsumptie die hoger ligt dan 50%, en dat is niet evident voor een gezin. Een terugverdientijd van 10 jaar kan je bereiken met een zelfconsumptie rond 30%.

Zelfconsumptie uitgelegd

In het nieuwe systeem verkoop je de stroom die je opwekt maar niet meteen verbruikt, door aan het elektriciteitsnet. Wanneer je stroom nodig hebt, koop je die terug van het net.

De injectie- en verbruikstarieven zijn niet noodzakelijk hetzelfde, omdat je waarschijnlijk stroom op het net injecteert wanneer de energievraag minder is en de prijzen dus lager liggen. ’s Avonds en ’s winters is de energievraag hoger en de prijzen mogelijk ook.  Na 2021 betaal je bovendien ook een tarief voor het gebruik van het net, gebaseerd op de hoeveelheid stroom die je in werkelijkheid van dat net afhaalt.

De Vlaamse regering wil zo zelfverbruik stimuleren. In dit nieuwe systeem haal je het meeste uit je zonnepanelen wanneer je de stroom tijdelijk kan opslaan op een thuisbatterij of je elektriciteit meteen verbruikt wanneer je ze produceert. Dat kan door bijvoorbeeld je elektrische auto of fiets op te laden, je warmtepompboiler te verwarmen of je vaatwasser te gebruiken.

Lukt het je om meer dan 50% van die opgewekte elektriciteit onmiddellijk te verbruiken? Dan heeft je zonnepaneleninstallatie mogelijk dezelfde terugverdientijd als een installatie die je vandaag plaatst (7 tot 8 jaar).

Voorbeelden uit de praktijk

De familie Willemsen heeft een gemiddeld verbruik van 3500 kWh per jaar. Ze plaatsen een zonne-installatie van 4 Wp, met een investeringskost van € 5750, en doen voor 30% aan zelfconsumptie. Eén gemiddeld gezin, twee mogelijkheden. Voor welke optie kiezen ze best?

OPTIE 1

De familie Willemsen plaatst nog in 2020 zonnepanelen en zou gedurende 15 jaar genieten van het principe van de terugdraaiende teller.

Jaarlijkse elektriciteitskost€ 60
Jaarlijkse injectie op het net/
Jaarlijkse distributiekost€ 5
Jaarlijks prosumententarief€ 239
Jaarlijkse belastingen en kosten€ 29
Totale elektriciteitsrekening€ 333 / jaar
  • Besparing t.o.v. geen zonnepanelen: € 630 / jaar
  • Terugverdientijd installatie: 8 jaar

Samengevat: merkt de Familie Willemsen dat hun zelfverbruik doorheen de jaren toeneemt? Dan kunnen ze zelf nog kiezen om over te schakelen op het nieuwe nettarief.

OPTIE 2

De familie Willemsen wacht op de subsidies van 2021 om een zonnepaneleninstallatie te plaatsen.

Jaarlijkse elektriciteitskost€ 239
Jaarlijkse kost injectie op het net€ 76
Jaarlijkse distributiekost€ 313
Jaarlijks prosumententarief/
Jaarlijkse belastingen en kosten€ 145
Totale elektriciteitsrekening€ 622 / jaar
  • Besparing t.o.v. geen zonnepanelen: € 345 / jaar
  • Terugverdientijd installatie: 10 jaar

Samengevat: de investeringspremie van € 1.200 (voor 4 Wp) is niet voldoende om dit verschil te compenseren. Tenzij de familie Willemsen een zelfconsumptie van meer dan 50% bereikt, wat voorlopig bijna onmogelijk is voor particulieren.

Conclusie

Is je zelfconsumptie niet hoger dan 50%? Dan plaats je best dit jaar zonnepanelen, om zo nog 15 jaar te genieten van het principe van de terugdraaiende meter. De premie van de overheid compenseert voor een stuk de overgang naar het nieuwe systeem, maar vanaf 2021 zijn zonnepanelen vooral voordelig voor wie meteen de energie kan verbruiken die hij opwekt, of voor wie ze kan opslaan in een thuisbatterij.

Let op! Zowel vóór als na 2021 blijft een investering in zonnepanelen volgens Test Aankoop de moeite waard.

Ook interessant voor jou