Binnenkort ook EPC voor niet-residentiële gebouwen

Een ‘energieprestatiecertificaat’ is niet langer alleen relevant bij de verkoop of verhuur van woningen. Ook niet-residentiële gebouwen moeten binnenkort over een EPC beschikken. Ontdek de gevolgen voor jouw bedrijf.

EPC, wat is dat ook weer?

Van plan om je woning te verkopen of verhuren? Dan ben je verplicht om een energieprestatiecertificaat (EPC) te laten opstellen door een expert. De controleur geeft je gebouw dan een score van A+ (heel energiezuinig) tot F (niet energiezuinig). Hoe hoger de EPC op de alfabetische ladder staat, hoe meer je woning waard is op de huizenmarkt. Tenzij je verbouwingen uitvoert, blijft die score tien jaar geldig.

Deze regel was oorspronkelijk alleen van toepassing voor woningen, maar wordt binnenkort ook ingevoerd voor niet-residentiële gebouwen, dus ook voor je bedrijfspand.

EPC NR vanaf 2023

In Vlaanderen wordt het EPC ook verplicht voor niet-residentiële gebouwen. Het VEKA is volop bezig met de voorbereidingen om die wet in 2023 in de praktijk te brengen. Het eerste jaar is die enkel van belang bij verhuur en overdacht (verkoop, erfpacht en opstalrecht), daarna wordt het EPC ook los daarvan verplicht.

Anders dan voor woningen, zijn er voor niet-residentiële gebouwen twee EPC’s:

  • Het EPC NR voor grote niet-residentiële gebouwen
  • Het EPC kNR voor kleine niet-residentiële gebouwen

Het EPC NR geldt als overkoepelend EPC voor alle niet-residentiële gebouwen, maar als jouw pand onder de noemer ‘klein niet-residentieel gebouw’ valt, mag je kiezen welke van de twee certificaten je aanvraagt. 

Ook interessant voor jou